Steen aanvullende mortel zacht
Toepassingsgebied
Voor de binnenkernstructuur onder Remmers Restauratiemortelvooral in het geval van diepe defecten die een meerlagenstructuur vereisen.
Eigenschappen
Remmers Voorstrijkmortel is een kant-en-klare droge mortel samengesteld uit zuiver minerale grondstoffen (bindmiddelen en toeslagstoffen). De fysische eigenschappen voldoen aan de eis van relatief lage inwendige spanningen en een mechanisch niveau dat speciaal is afgestemd op de ondergrond van natuursteen. Een zeer goede hechting aan de ondergrond wordt bereikt bij een professionele verwerking.
-
Laag gehalte aan vrije alkali
-
Goede flankhechting
-
Grootste korrel tot 2 mm
-
Druksterkte: zacht: > 15 N/mm² (M15)
-
E-modulus: zacht: ongeveer 9*10³ N/mm
Gevaar
H315 Veroorzaakt huidirritatie.
H318 Veroorzaakt ernstig oogletsel.
H335 Kan irritatie van de luchtwegen veroorzaken.
Verwerking
De ondergrond moet grondig gereinigd worden. Afhankelijk van het type vervuiling Remmers Vuiloplosser (art. 0671) of Gevelreinigingspasta (Art. 0666).
Verweerde plekken licht aanstippen tot op de gezonde kern van de steen.
Bij ornamentele elementen en sculpturen van artistieke waarde vuilkorsten zorgvuldig verwijderen en meerdere malen intensief verstevigen met de juiste Remmers Steenversteviger. In de regel moet het voegwerk zo worden uitgevoerd dat een mortellaagdikte van minstens 2 cm wordt bereikt. De mortelapplicatie mag niet "tot nul" uitlopen.
Bij sterk uitstekende of hangende bouwelementen, zoals kroonlijsten enz. moet een ondersteunende wapening in de vorm van kunststof stervormige deuvels of roestvrij staal worden gebruikt. De verankering kan gebeuren door middel van kunststof deuvels of verdikte Remmers Epoxy BH 100 (Art. 0905) worden aangebracht. Er mogen slechts 2 - 3 cm lagen voorstrijkmortel per keer worden aangebracht.
Na het afblazen met perslucht moet de ondergrond goed worden voorbevochtigd en bedekt met een slurry(voorstrijkmortel/waterin een verhouding van 3:1) in een laagdikte van 2 mm. Daarna volgt de kernopbouw van de gronderingsmortel, die in een plastische, aardvochtige consistentie wordt aangebracht (ca. 750 ml water op 5 kg gronderingsmortel). Wacht 24 uur tussen de toepassingen.
Opmerkingen
Niet gebruiken bij een lucht-, ondergrond- of bouwmateriaaltemperatuur lager dan 5 °C en hoger dan 30 °C. De vermelde producteigenschappen zijn bepaald onder laboratoriumomstandigheden bij 20 °C en 65 % relatieve luchtvochtigheid.
Lage temperaturen verlengen de werk- en uithardingstijd, hoge temperaturen verkorten deze.
Rijpingstijd ca. 2 minuten, daarna opnieuw mengen, indien nodig max. 2 - 3 % water toevoegen om een consistentie te verkrijgen die geschikt is voor verwerking. De uitharding moet in de gaten worden gehouden, vooral bij warm weer en harde wind. In de beschreven gevallen moeten de aangebrachte oppervlakken minstens tweemaal per dag opnieuw bevochtigd worden gedurende vier opeenvolgende dagen. Nadat de korrel is uitgelopen, wordt het met primerspecie aangebrachte gebrek tot een diepte van ten minste 5 mm onder het definitieve oppervlak uitgeschraapt en wordt, na een krachtige voorbevochtiging, de toplaag van de restauratiemortel aangebracht. Zie de verwerkingsinstructies in het technische informatieblad Restauratiemortel (art. 0748).
Kan sporen van pyriet of ijzersulfide bevatten.
Verbruik